Dunning
Het uitdunnen van bosplantsoen betekent dat sommige bomen en struiken worden weggehaald. We noemen dit ‘dunning’. Dit gebeurt in jonge of dichtbegroeide bosgebieden. Door beplanting te verwijderen, krijgen de andere bomen en struiken meer ruimte om te groeien.
Ruimte om te ontwikkelen
De overblijvende beplanting krijgt zo meer licht, water en voedingsstoffen. Dit zorgt ervoor dat de bomen en struiken sterker en gezonder worden. Ook kan het groen zich op een natuurlijke manier verder ontwikkelen.
Dunning zorgt voor een betere structuur en meer variatie in het bosplantsoen. Zo blijft de begroeiing gezond en wordt duurzaam bosbeheer ondersteund.